Essay sociaal sportieve praktijken

item_left

item_right

Essay sociaal sportieve praktijken

Pieter

Het sportlandschap in onze steden verandert.  Steeds vaker duiken er sportaanbieders op waar de sociale en sportieve dimensie elkaar versterken. Omdat het kan, maar ook omdat er niet te onstnappen valt aan een nieuwe maatschappelijke realiteit. Dit heeft verregaande gevolgen.  Demos-medewerker Pieter Smets schreef in opdracht van VUB een essay over deze onmiskenbare tendens die zich weldra ook buiten de stad aftekent. Binnenkort verschijnt een artikelenreeks op de Demos-website, gebaseerd op de bevindingen van het essay.  

Het stedelijke sportlandschap door elkaar geschud

Sinds 1990 werd het stedelijke sportlandschap door elkaar geschud. Vier complexe uitdagingen zorgen er samen voor dat sportclubs het moeilijk hebben. Armoede, superdiversiteit, infrastructuurproblemen en het instititutionele doolhof van de stad zorgen ervoor dat veel sportaanbieders zich minder kunnen beroepen op de traditionele recepten. Sommige clubs verdwijnen, andere handhaven zich met moeite. Wat nu gedaan?

De sportclub is dood, leve de sociaal sportieve praktijk

Een centrale vaststelling in het essay is dat het ‘oude’ beeld van ‘dé sportclub’ en haar recepten onder druk staat. Toch is er ook goed nieuws.  Er duikt een alternatief sportcircuit op. Clubs die zich vroeger traditioneel organiseerden transformeren en innoveren. Er duiken ook nieuwe clubs op. Een duidelijke tendens tekent zich af. Steeds vaker combineren sportaanbieders een sociale en sportieve rol.  Zo groeien nieuwe kansen om sporters te wapenen tegen de uitdagingen in hun stad. Dit is zo opmerkelijk dat het hele sportlandschap verandert. Er is zelfs sprake van een nieuwe, hybride vorm van sportclub die zich anders organiseert. We noemen het sociaal sportieve praktijken. Hun identiteit is uniek. Ze combineren clubelementen met eigenschappen van alternatief sociaal werk. Het zijn informele ‘netwerk-hubs’.

De beroepskracht vitaliseert

Er is nog een andere tendens. Aan de basis van veel sociaal sportieve praktijken staat een nieuw soort sportprofessional. Het zijn sleutelfiguren die gepassioneerd zijn door hun sport. Ze kennen het leven op straat en bieden ondersteuning aan vrijwilligers, want die blijven in grote getallen aanwezig. Deze beroepskrachten zoeken heel concrete oplossingen voor sociale uitdagingen zoals armoede en diversiteit. Bovendien zorgen ze voor vernieuwing van onderuit. Hierdoor ontwikkelen ze een (extra-)sportief aanbod om U tegen te zeggen.

Het schoentje wringt

Toch zien we dat het schoentje wringt. Veel sociaal sportieve praktijken passen niet in het huidige kader van regels en subsidies. De ondersteuning die er wel is, is vaak tijdelijk. Dat maakt dat vele sociaal sportieve praktijken voortdurend onzeker zijn over hun bestaan op langere termijn. Voor de veelzijdigheid van de rollen die sportprofessionals opnemen is er binnen de huidige regelgeving nog niet veel ruimte. Met een doordachte aanpak lijkt de oplossing nabij. Ze is te vinden bij beroepskrachten die met de voeten in de praktijk staan. Ook daar zoomt het essay op in.

Coming up: artikelenreeks

Dit essay kwam tot stand via een samenwerking en met de steun van VUB-onderzoeksgroepen Sport & Society, RHEA en BCUS. Onderzoekers Rein Haudenhuyse en Sophie Withaeckx werkten er actief aan mee. Binnenkort verschijnt een artikelenreeks op de Demos-website, gebaseerd op de bevindingen van het essay. In het najaar starten we een uitwisselingstraject om de bevindingen van dit essay te toetsen aan toekomstig lokaal en Vlaams beleid.

Meer info of vragen? Mail naar Pieter Smets: pieter.smets [at] demos.be

In samenwerking met