Oproep: kaap je ruimte en praat me ons mee op ‘Vrijhavens. Over ruimte voor jong cultureel verzet’

item_left

Oproep: Kaap je ruimte en praat me ons mee

item_right

Oproep: kaap je ruimte en praat me ons mee op ‘Vrijhavens. Over ruimte voor jong cultureel verzet’

bart

Een culturele vrijhaven heeft voldoende lege ruimte nodig. Zo ook dee ontmoetingsdag 'Vrijhavens. Over ruimte voor jong cultureel verzet'. Wij dagen jou uit om deze ruimte te enteren en in te vullen. Heb je een sterk project, een oproep of een scherpe mening rond het thema? Wil je die tijdens de middagpauze delen in een losse sfeer? Mail dan naar bart [at] demos.be en wij contacteren jou!

Tijdens de  inspiratie – en ontmoetingsdag zetten we ook vier open discussietafels op rond het thema ‘Vrijhavens’. We experimenteren dus met een eigentijdse onderzoeksmethode: crowdsourcing. Jouw input staat daarin centraal. We doen aanspraak op kennis, kunde en enthousiasme van een breed netwerk om onderzoeksdata te verzamelen en te interpreteren. Elke discussietafel heeft een eigen vertrekpunt: (1) beleid, (2) ruimte, (3) conversatie en (4) creatie. Hieronder lees je de afbakening van elke tafel. Je kan je inschrijven voor een of meerdere tafels.  

  • 1)    Beleid: Jeugdcultuur kent, zeker wat het lokale beleid betreft, verschillende inrijpoorten. Jeugd- en cultuurdiensten zijn de eerste gangmakers. Maar ook actoren uit het sociale/welzijnsveld zetten in op cultuurparticipatie. Het doel is zicht te krijgen op de verschillende doelstellingen waarom beleid jeugdcultuur ondersteund en hoe deze in elkaar kunnen haken.  Hoe garandeer je bijvoorbeeld diversiteit en toegankelijkheid terwijl je bottom-up dynamieken wil stimuleren en ondersteunen? Hoe kan je bovenlokaal en  grensoverschrijdend samenwerken? Wat zijn financiële, organisatorische en bestuurlijke succesfactoren?  
  • 2)    Ruimte: Uit de stakeholdergesprekken kwam een zekere bezorgdheid naar boven. Een te enge interpretatie van de typologie ‘jeugdculturele zone’ kan jeugdculturele dynamieken als het ware ‘institutionaliseren’, waardoor ze apart komen te staan van reguliere en informele initiatieven die culturele en jeugdactoren wensen te ontwikkelen. Vandaar de noodzaak om ‘ruimte om te creëren en experimenteren’ ruim in te vullen. Het gaat dan over de fysieke en mentale toegankelijkheid van ruimtes. Klemtoon ligt dan op de subjectieve ruimte-beleving van jongeren. Het doel is om zicht te krijgen op hoe jongeren ruimte claimen en hoe besturen en organisaties werken aan de toegankelijkheid van ruimtes of ruimte maken (permanent, tijdelijk, evenementieel…).
  • 3)    Conversatie: Uit de stakeholdergesprekken werd duidelijk dat het participatie-discours een zekere richting geeft aan het nadenken over ‘jeugdculturele zones’. De overheersende klemtoon op ‘deelnemen’ gaat te vaak voorbij aan een focus op ‘cultuurbeleving’ en ‘cultuurperceptie’. Het is noodzakelijk om zicht te krijgen op de beleving en waardering van verschillende cultuuruitingen binnen de leefwereld van jongeren. Daarnaast gaat het over een zekere sensitiviteit: het herkennen en waarderen van jeugdculturele uitingen. Het doel is zicht te krijgen op de diversiteit in cultuurbeleving en -uiting bij jongeren (met kansengroepen als focus) en hoe organisaties daar succesvol op inspelen via communicatie, publiekswerking, programmatie en nieuwe formats. 
  • 4)    Creatie:  We leggen de klemtoon op actieve cultuurparticipatie en initiatieven waarin jongeren een eigen dynamiek kunnen genereren. In de gesprekken werd duidelijk dat een ‘juiste’ basishouding van professionals daarin essentieel is. Hier gaat het over omkaderen, ondersteunen, begeleiden en coachen van jongeren. Doel is om zicht te krijgen op algemene werkingsprincipes en hoe die zich articuleren binnen verschillende contexten (doelgroepen).  Wanneer is er spraken van co-creatie, van vrije of autonome zones, van ‘ownership’, van ‘cultureel ondernemerschap’? Welke soort omkadering en coaching vragen jeugdculturele zones?