Van graffitimuren tot prikkelarme kermissen: samenwerken voor vrije tijd

item_left

item_right

Van graffitimuren tot prikkelarme kermissen: samenwerken voor vrije tijd

Samira Saleh

Nu de deadline nadert voor het indienen van de afsprakennota’s voor (boven)lokale netwerken vrijetijdsparticipatie, kijken veel lokale besturen en partners vooruit. De voorbije maanden werd intensief gewerkt aan plannen voor de komende jaren. Daarbij duikt steeds vaker dezelfde vraag op: hoe kunnen we meer mensen laten deelnemen aan vrije tijd en hoe kunnen gemeenten daarin samenwerken?

Vrijetijdsparticipatie stopt namelijk niet aan de gemeentegrens. Mensen verplaatsen zich, activiteiten vinden plaats in verschillende gemeenten en organisaties werken vaak al samen over regio’s heen. Intergemeentelijke samenwerking kan daarom een belangrijke hefboom zijn om expertise te delen, middelen te bundelen en initiatieven te realiseren die één gemeente alleen moeilijk kan dragen.

Tijdens een sessie van publiq en OP/TIL op het afgelopen publiqForum kwamen verschillende praktijkverhalen samen uit cultuur, vrije tijd en armoedebestrijding. Ze tonen hoe samenwerking over gemeentegrenzen heen kan bijdragen aan meer en eerlijkere vrijetijdsparticipatie.

Lokale ideeën laten groeien

Intergemeentelijke samenwerking kan lokale initiatieven versterken en laten doorgroeien. Zo vertelde Kim Nevelsteen, verantwoordelijk voor bovenlokale cultuur binnen de intergemeentelijke samenwerking Stuifzand, over een traject rond prikkelarme kermissen. In deze regio zijn kermissen sterk verankerd in de lokale feestcultuur. Net daarom bleken ze een interessante ingang om drempelverlagend te werken rond vrijetijdsparticipatie.

Het initiatief begon in één gemeente, waar werd onderzocht of prikkelarme momenten op een kermis haalbaar waren. Vanuit die ervaring werd het idee gedeeld binnen de intergemeentelijke samenwerking. Andere gemeenten namen het concept over en pasten het aan hun eigen context aan.

Prikkelarm kreeg daarbij geen strikte definitie. Sommige gemeenten kozen voor momenten zonder muziek of flitslichten, andere maakten afspraken met kermishouders over rustigere uren. Wat gedeeld werd, was een gezamenlijke taal en een kader waarbinnen elke gemeente eigen keuzes kon maken.

De aanleiding voor dit traject lag bij signalen van buurtbewoners die zich tijdens kermissen niet altijd comfortabel voelden in hun eigen buurt. Door in dialoog te gaan met bewoners en kermishouders ontstonden alternatieven die voor meer mensen toegankelijk bleken.

Ook het verhaal van Nele Van Havere uit cultuurregio Leie Schelde toont hoe lokale initiatieven bovenlokaal kunnen groeien. Een project rond graffiti en jongerencultuur dat startte in Gavere werd via bovenlokale samenwerking uitgerold naar andere gemeenten. In Eke werd het project opgezet in het skatepark. Na een introductieworkshop volgde een traject van meerdere workshops dat uiteindelijk leidde tot de creatie van een graffitimuur.

Op de site werd ook een container geplaatst, waardoor een gelegaliseerde plek ontstond om graffiti te spuiten. Zo ontstond niet alleen meer ruimte voor jongerenparticipatie, maar ook een nieuwe culturele plek in de publieke ruimte. Volgens Nele was dit traject enkel mogelijk dankzij de samenwerking tussen verschillende gemeenten.

Vrije tijd bekeken vanuit armoede

Bovenlokale samenwerking heeft ook impact op hoe mensen in armoede vrije tijd beleven. Dat bleek uit een gesprek met vrijwilligers en medewerkers van De Knoop vzw, een vereniging waar armen het woord nemen in de Denderregio.

Voor hen betekent vrije tijd verschillende dingen. Voor Carine gaat het vooral over mensen ontmoeten en ergens naartoe kunnen gaan. Voor Licorice betekent vrije tijd rust en stilte als tegengewicht voor de drukte van haar werk. Voor Adestina is het tijd maken voor zichzelf en iets doen wat ze graag doet, zoals zwemmen of wandelen.

Hun verhalen tonen hoe persoonlijk de betekenis van vrije tijd kan zijn, maar ook hoe belangrijk die momenten zijn voor welzijn en verbinding.

In de Denderregio werken verschillende organisaties samen rond vrijetijdsparticipatie. Dankzij die samenwerking kunnen mensen ook activiteiten ontdekken in andere gemeenten. Het aanbod wordt breder en organisaties kunnen ervaringen met elkaar uitwisselen. Tegelijk blijft lokale toeleiding cruciaal. Een folder of algemene communicatie volstaat vaak niet. Persoonlijke uitnodigingen en brugfiguren maken het verschil. Zo bleek een uitstap naar Walibi pas snel volzet toen een vertrouwde persoon mensen persoonlijk uitnodigde.

Een en-en-verhaal

De voorbeelden tonen dat investeren in vrijetijdsparticipatie zowel lokaal als bovenlokaal moet gebeuren. Lokale netwerken blijven essentieel omdat ze dicht bij mensen staan en hun leefwereld kennen. Tegelijk maakt intergemeentelijke samenwerking het mogelijk om expertise te delen, partners te verbinden en initiatieven te realiseren die lokaal moeilijker tot stand komen.

Nu lokale netwerken hun nieuwe afsprakennota afronden, ontstaat ook ruimte om vooruit te kijken. Hoe kunnen lokale en regionale dynamieken elkaar versterken? Hoe zorgen we ervoor dat samenwerking over gemeentegrenzen heen blijft vertrekken vanuit lokale noden?

De verhalen van graffitimuren en prikkelarme kermissen tonen alvast één ding: samenwerking kan nieuwe mogelijkheden creëren. Want vrije tijd stopt niet aan de gemeentegrens. En net door samen te werken kunnen we ervoor zorgen dat meer mensen echt kunnen meedoen.